Transitie en Transformatie
Per 1 januari 2015 is de Jeugdwet in werking
getreden waarmee de gemeente Amsterdam verantwoordelijk is geworden voor
vrijwel alle zorg voor jeugdigen en hun ouders bij opvoed- en opgroeiproblemen
en psychische problemen en stoornissen. Deze ‘transitie van de jeugdzorg’ is
een zeer complexe verandering. De gemeente Amsterdam krijgt niet alleen veel
nieuwe taken en middelen, maar ook de structuren en regels in de
jeugdhulpverlening veranderen ingrijpend. Transitie en transformatie gaan hand
in hand.
Jeugdhulp, Jeugdzorg, Jeugdbescherming,
jeugdreclassering
Beleidsdoelen en effectindicatoren
In het Meerjarenbeleidsplan Sociaal domein 2015 –
2018 is de volgende missie voor jeugd geformuleerd: ‘de jeugd kan zich maximaal
ontwikkelen en groeit gezond en veilig op.’ In de gemeentebegroting 2015,
programmaonderdeel Jeugd en jeugdzorg, zijn daarop de volgende drie beleidsdoelen geformuleerd:
1. Meer jeugdigen hebben een gezonde leefstijl en een gezond gewicht.
2.
Meer jeugdigen groeien
psychosociaal gezond op.
3.
Meer jeugdigen groeien op
in een veilige en positieve gezins- en thuissituatie.
Aan elke beleidsdoel zijn in de gemeentebegroting
twee ‘effectindicatoren’ gekoppeld,
inclusief nulmeting en streefwaarden voor de jaren 2015 tot en met 2018[1].
De indicatoren zijn geformuleerd in termen van resultaten voor de burgers van
Amsterdam: wat worden zij er beter van? De effectindicatoren worden jaarlijks
gemeten, cijfers over 2015 zijn daarom nu niet te geven.
Voorbeeld hiervan
Beleidsdoel: Meer
jeugdigen hebben een gezonde leefstijl en gezond gewicht
Effectindicatoren
1 Afwijking van percentage jeugdigen op gezond gewicht
t.o.v. het landelijke gemiddelde
2 Percentage jeugdigen dat ooit genotmiddelen heeft gebruikt
Ouder Kind teams
joint
venture van instellingen en gemeente. De teams werken gezinsgericht en zijn actief in de wijk, op school en
thuis. Er zijn 22 teams in de 22
wijken van Amsterdam en 5 teams op stedelijk niveau: 4 teams voor het voorgezet
onderwijs die aansluiten bij de gebiedsindeling van de VO-scholen en 1 team
voor het middelbaar beroepsonderwijs (MBO).
De teams bestaan uit
ouder- en kindadviseurs, jeugdartsen, jeugdpsychologen, teamleiders en assistenten.
De
teams zijn zodanig samengesteld dat er per wijk een goede balans is van de
beschikbare expertise op het gebied van jeugdgezondheidszorg
(JGZ), preventie en jeugdhulp, inclusief cliëntondersteuning, (licht) verstandelijke
beperking en jeugd geestelijke gezondheidszorg.
de kerntaken van het Ouder- en Kindteam: de JGZ, ondersteuning en
advies (waaronder het uitvoeren van trainingen opvoed- en opgroeiondersteuning)
en jeugdhulp.
JGZ
Het Ouder- en Kindteam heeft de taak om de
gezondheid en de ontwikkeling van Amsterdamse kinderen en jongeren van -10
maanden tot 18 jaar te bevorderen. Het Ouder- en Kindteam doet dat onder andere
via het uitvoeren van het basispakket JGZ
Trainingen Opvoed en Opgroeiondersteuning
Het Ouder- en Kindteam heeft medewerkers in huis die
trainingen opvoed- en opgroeiondersteuning kunnen bieden. Bij de start van het
Ouder- en Kindteam is bepaald dat het Ouder- en Kindteam zelf de volgende
trainingen uitvoert: Triple P, competentietrainingen, faalangst reductietrainingen,
de weerbaarheidtraining Rots en Water en de training Sprint die is gericht op
het verminderen van antisociaal gedrag van kinderen. Naast dit pakket zijn
vanuit verschillende instellingen aanvullende trainingen beschikbaar die
ingezet kunnen worden zonder dat een
beschikking hoeft te worden aangevraagd. Reden hiervoor is dat bij OKT op
dit moment nog niet benodigde capaciteit en expertise aanwezig is.
Jeugdhulp
Het Ouder- en
Kindteam biedt naast informatie, advies of ondersteuning en trainingen ook lichte
jeugdhulp aan jeugdigen tot 18 jaar (in uitzonderingsgevallen tot 23 jaar) en
gezinnen.
Samen Doen Teams
Samen DOEN opereert op het snijvlak van de drie
transities en ondersteunt huishoudens
met en zonder kinderen waar sprake is van complexe problemen op meerdere
levensgebieden. Hierdoor kan Samen DOEN de zorg en ondersteuning voor jeugdigen
en volwassenen met elkaar verbinden, over de verschillende leefdomeinen heen. Kenmerk is dat de huishoudens verminderd
zelfredzaam zijn en niet of in beperkte mate in staat zijn de problemen
zelfstandig op te lossen. Maar er is geen sprake van een crisissituatie en er
geen behoefte aan chronische of zeer langdurige ondersteuning en zorg.
Doelstelling is een stabiele en uiteindelijk duurzame structurele verbetering
in de levenssituatie te bewerkstelligen.
Toegang tot de jeugdhulp
Algemene Voorzieningen
de voorzieningen in het nieuwe jeugdstelsel die vrij toegankelijk zijn,
de zogenaamde algemene voorzieningen (OKT, O&O, SSD)
Individuele Jeugdhulp voorzieningen
Een groot deel van de jeugdhulp is echter niet vrij toegankelijk. Voor
deze zogenaamde individuele jeugdhulpvoorzieningen – in de Wet maatschappelijke
ondersteuning (Wmo) ‘maatwerkvoorzieningen’ genoemd – is een besluit (ook
wel beschikking genoemd) nodig namens het college of namens de gecertificeerde
instelling of kinderrechter (als het gaat om gedwongen kader). In deze paragraaf
wordt een cijfermatig inzicht gegeven hoe de toegang tot de individuele
jeugdhulpvoorzieningen in Amsterdam verloopt: naar de verschillende
toegangsroutes (A) en naar de verschillende lokale teams in de stad (B).
Jeugdhulp in vrijwillig of gedwongen kader
Er zijn verschillende
toegangsroutes naar de individuele jeugdhulpvoorzieningen. Op grond van de
Jeugdwet is er een onderscheid tussen jeugdhulp in vrijwillig kader en in
gedwongen kader.
In vrijwillig kader
In vrijwillig kader ligt de
bevoegdheid om een besluit tot toekenning van een individuele voorziening te
nemen bij het college. Huisartsen, jeugdartsen en medisch specialisten hebben
op grond van de Jeugdwet de bevoegdheid om rechtstreeks te verwijzen naar
jeugdhulp en in Amsterdam is afgesproken dat bij vermoeden van ernstige
enkelvoudige dyslexie ook basisscholen rechtstreeks mogen verwijzen. In beide
gevallen volgt echter wel altijd een formele bevestiging van het recht op
zorg in een beschikking namens het college. De gemeente Amsterdam heeft
besloten dat de gemandateerde zorgprofessionals van de lokale teams (Ouder-
en Kindteams en Samen DOEN-teams) namens het college de besluiten tot
toekennen van jeugdhulp nemen.
In gedwongen kader
In gedwongen kader – d.w.z. in het
kader van een kinderbeschermingsmaatregel of strafbeslissing van de
kinderrechter – hebben de gecertificeerde instellingen op grond van de Jeugdwet
de bevoegdheid om te besluiten over de inzet van jeugdhulp.
Overgangsrecht
de wetgever bepaald dat cliënten
uit 2014 wiens zorg doorloopt in 2015 hun recht op zorg in 2015 behouden (het
zogenaamde overgangsrecht). Het aantal toegekende jeugdhulpvoorzieningen via al
deze verschillende toegangsroutes worden in Amsterdam gemonitord in een
centrale beschikkingenadministratie
VOT
De gemeente krijgt zicht op het
aantal verwijzingen van de (huis)artsen en scholen en de inzet van jeugdhulp
door de gecertificeerde instellingen in gedwongen kader via het zogenaamde
Verzoek om toewijzing van zorg (VOT) van de jeugdhulpaanbieders. Het insturen
en verwerken van deze VOT’s is pas in het voorjaar 2015 goed op gang gekomen.
Veilig Thuis is in bovenstaande tabel als aparte route opgenomen, omdat op
grond van de verordening op de Zorg voor de jeugd Amsterdam door de lokale teams
besloten kan worden tot de inzet van jeugdhulp op aanwijzing van een medewerker
van Veilig Thuis. Huisartsen hebben geen bevoegdheid om een persoonsgebonden
budget toe te kennen.
Zorgcategorie
De
individuele jeugdhulpvoorzieningen in Amsterdam zijn ingedeeld naar twaalf
zorgcategorieën (dit is formeel vastgelegd in de nadere regels op de
verordening). Naast de zorgcategorie Ondersteuning bij het opstellen van een
familiegroepsplan, worden vier zorgcategorieën onderscheiden binnen het
voormalige domein van de provinciale jeugdzorg, twee vier zorgcategorieën
binnen het domein van de geestelijke gezondheidszorg (voorheen
Zorgverzekeringswet), en vijf zorgcategorieën binnen het voormalige domein van
de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Hieronder een korte toelichting
per domein.
In de centrale beschikkingenadministratie is niet alleen
opgenomen wie toegang heeft verleend tot de jeugdhulpvoorziening, maar ook wat
de aard van deze jeugdhulp is. Dit gebeurt op het niveau van de 12 Amsterdamse
zorgcategorieën voor jeugdhulp
Groep
1: Jeugdhulp bij ernstige opvoed- en opgroeiproblemen (voorheen provinciale
jeugdzorg)
Zorgcategorieen
-
Ambulante
Jeugdzorg
-
Dagbehandeling
Jeugzorg
-
Verblijf Jeugdzorg
-
Pleegzorg
De voormalige provinciale jeugdzorg (ook
wel jeugd- en opvoedhulp genoemd) betreft intensieve hulp voor ingewikkelde
problemen in de opvoeding en wordt vaak gedurende een lange periode (intensief)
geboden. Organisaties voor Jeugd & Opvoedhulp helpen kinderen die gedragsproblemen
hebben of vastlopen in hun ontwikkeling en ouders/opvoeders bij het zo goed mogelijk
opvoeden van hun kinderen. Soms is ambulante
jeugdzorg voldoende. Het kind blijft dan thuis wonen. Soms is het nodig dat
een kind voor kortere of langere tijd niet thuis woont of overdag op de
instelling verblijft. Dat laatste heet dagbehandeling.
Als een kind niet thuis kan wonen wordt bij voorkeur in een pleeggezin
geplaatst. Het pleegkind ontvangt dan pleegzorg,
maar soms is plaatsing op een leefgroep noodzakelijk (verblijf jeugdzorg). In uitzonderlijke situatie kan, met toestemming
van de kinderrechter, een jeugdige in een instelling voor gesloten jeugdzorg
geplaatst worden (ook dit valt onder de zorgcategorie verblijf jeugdzorg).
Altijd wordt ernaar gestreefd dat een kind in een gezin woont en dat waar dat
niet mogelijk is het verblijf elders zo kort mogelijk duurt.
Groep2
: Jeugdhulp bij psychische en psychiatrische problematiek (voorheen GGZ,
Zorgverzekeringswet)
Zorgcategorien
-
Generalistische
Basis GGZ
-
Specialistische
Basis GGZ
-
Groep
3: Jeugdhulp voor jeugdigen met een beperking (voorheen AWBZ)
Zorgcategorien
-
Persoonlijke
Verzorging
-
Kortdurend
Verblijf
-
Behandeling LVB
-
Verblijf Lvb
De voormalige AWBZ-zorg voor jeugdigen
kenden vier ‘functies.’ De vier Amsterdamse zorgcategorieën komen daarmee
overeen. In het overgrote deel van de gevallen gaat het bij deze zorg om
jeugdigen met een verstandelijke beperking. Belangrijkste doelgroepen zijn
enerzijds jonge kinderen met een ontwikkelingsstoornis die intensieve hulp
nodig hebben om hun achterstand in te halen en door te stromen naar het
(speciaal) onderwijs; anderzijds jongeren met een licht verstandelijke
beperking die (gedrags)problemen ontwikkelen als gevolg van hun beperking. Het
aanbod bestaat uit begeleiding of behandeling (beide individueel thuis of
op school of in een groep op de locatie van de aanbieder), of verblijf voor jeugdigen die door hun
gedrag of door de gezinsomstandigheden niet langer thuis kunnen wonen.
Begeleiding of behandeling wordt soms aangevuld met logeervoorzieningen – om
ouders tijdelijk te ontlasten (dit valt onder de zorgcategorie kortdurend verblijf) – of persoonlijke verzorging richting het (jonge) kind.
Gecertificeerde Instellingen
Naast de
jeugdhulp is ook de uitvoering van de jeugdbescherming en de jeugdreclassering
met ingang van 1 januari 2015 een verantwoordelijkheid van de gemeente. Er zijn
landelijke eisen gesteld waaraan de uitvoerders van de jeugdbescherming en
jeugdreclassering moeten voldoen. Een certificaat van het Keurmerkinstituut
garandeert dat zij aan deze landelijke eisen voldoen. Daarom wordt in de
Jeugdwet gesproken van ‘gecertificeerde’ instellingen. De gemeente Amsterdam
heeft met de andere gemeenten in de regio Amsterdam-Amstelland contracten
afgesloten met drie gecertificeerde instellingen: Jeugdbescherming Regio
Amsterdam (JBRA), de William Schrikkergroep (WSG), en het Leger des Heils
(LdH).
Gezinsmanagement zonder MAATREGEL
(DRANG)
Jeugdbescherming
Regio Amsterdam heeft de laatste jaren een nieuwe gezinsgerichte aanpak
ontwikkeld, waardoor zij in staat is de gezinnen waar sprake is van
kindonveiligheid zonder een ondertoezichtstelling (kinderbeschermingsmaatregel)
te motiveren om hulp te accepteren. Doordat de ouders vrijwillig meewerken is
effectievere hulp mogelijk. Dit krijgt landelijk steeds meer navolging en ook
de William Schrikkergroep werkt in steeds meer gezinnen op deze manier. De
gemeente heeft daarom JBRA en WSG ook ingekocht voor deze vorm van gezinsmanagement
zonder maatregel. Vanaf juli 2015 is ook het Leger des Heils gevraagd om te
gaan werken met deze vorm van gezinsmanagement.
GI info
GI drang: Jeugdhulp
via algemene voorziening geen beschikking
GI dwang: Geen Jeugdhulp via maatregel, geen beschikking
Productcodes GI
JH071 t/m JH076 (drang en dwang, alleen gezinsmanagement). en JH077 tm JH078







